IN BEELD

RESTAUREREN IN WEER EN WIND OP ONZE HOOGSTE KERKTOREN

Tekst Marijke van der Linde Beeld Lily Lange

Nederlands hoogste kerktoren - de Dom in Utrecht - wordt gerestaureerd. Steentje voor steentje. Vijf jaar lang boren, slijpen, slopen, beitelen en schuren bouwlieden zich een slag in de rondte. 'Een kwestie van een goede planning en heel veel geduld.’

Het indrukwekkende, ruim 112 meter hoge en 650 jaar oude, gebouw is al een aantal jaar volledig ingepakt met steigers. Natuursteenbewerkers van Nico de Bont en Slotboom Steenhouwers voorzien de toren van nieuwe metselstenen, ornamenten, kappen, balustrades en waterspuwers in originele gotische stijl. In weer en wind en op duizelingwekkende hoogte. 'Het uitzicht is fantastisch, maar je moet geen hoogtevrees hebben als je hier werkt’, vertelt projectleider Arjen Witjes in de bouwlift. Beneden fietsen miniatuurmensen door slingerende steegjes. In de verte doemen de contouren van Amsterdam op.

SCHERP ZIJN

‘Je begrijpt dat er niets naar beneden mag vallen’, zegt de projectleider. Een van de uitdagingen is iedereen scherp houden. 'Materieel en gereedschap moet je na elke handeling opbergen. Vangschotten en netten bieden extra bescherming.’

Op de hoogste verdieping stopt de lift. Een gure wind verwelkomt ons. Hier pakken natuursteenbewerkers de toppen van de toren straks aan. 'We werken per gevelvlak, van onder naar boven. Alles wat we leren op de ene gevel, passen we toe op de volgende’, vertelt Witjes.

Hij strijkt over het grijze natuursteen en verbrokkelt het tussen zijn vingers. 'Kijk, dit ornament moeten we hoognodig vervangen. Het is renovatiewerk uit circa 1920: natuursteen gaat maar een beperkt aantal jaren mee. En dit hier is origineel middeleeuws metselwerk. We vervangen alleen wat echt noodzakelijk is.’

TIENDUIZEND ELEMENTEN

De projectleider kent de toren als geen ander. Elk blok heeft hij samen met het team ‘afgeklopt’, geanalyseerd en in de BIM-database gezet. In totaal zo’n tienduizend elementen. 'Het kostte een half jaar, maar nu kennen we de steensoort, afmetingen, status en voortgang van elk element. Zo kunnen we het project goed stroomlijnen’, vertelt hij.

De westgevel is bijna klaar. Nu is de zuidgevel aan de beurt. Daar hakt natuursteenbewerker Michel Koetze - met beleid - een aangetast blok natuursteen weg met een elektrische bouwhamer. 'Dit blok moet eruit, maar de omliggende delen moeten heel blijven. Dat maakt het werk spannend.’ Koetze hakt daarom vanaf de rand naar binnen toe, schuin van boven naar onder. ‘Zo breek je een steen gecontroleerd.’

Een aantal verdiepingen lager vervangt natuursteenbewerker Theo Boelen zo’n weggehakt deel door een nieuw blok. ‘De elementen van deze toren zijn enorm. Zelfs dit relatief kleine onderdeel til je niet met de hand: er komt veel takelwerk aan te pas.’ Dat vereist geduld. ‘Een foutje en je hebt al snel 5000 euro schade. Je moet scherp zijn, dat maakt het werk interessant.'

REPLICA'S

Voor de verschillende onderdelen worden duurzaam kalksteen uit Engeland en vorstbestendig tufsteen uit Duitsland gebruikt. De stenen worden bewerkt in Slotbooms eigen steenhouwerij in Winterswijk, zo’n 150 kilometer verderop. 'De meeste steenhouwerijen maken grafstenen en nieuwbouwwerk. Wij kunnen ambachtelijk én groots produceren, dat maakt ons uniek’, vertelt projectleider Bart Woudenberg.

Een goede planning, een fulltime technisch tekenaar en computergestuurde zaagmachines dragen daaraan bij. Toch is het grootste deel ambachtelijk handwerk. ‘De grootste stenen in model hakken kost een steenhouwer soms wel vier weken. En dan heeft de beeldhouwer nog zo’n drie weken nodig voor de details', vertelt Woudenberg.

GROTE KRUISBLOEM

Met de onderdelen van de Dom zijn de steenhouwers extra lang bezig, vanwege de omvang. ‘Ik heb nog nooit zo’n grote kruisbloem gemaakt. En de kanthogels zijn wel twee keer zo groot als normaal’, vertelt beeldhouwer Sander Benjaminse. ‘Dat betekent heel veel steen weghakken.’

'Ik ben de tel kwijtgeraakt, zoveel torenonderdelen heb ik in mijn handen gehad. Maar elk object is anders. Je kunt zóveel met een steen, dat maakt het werk mooi’, zegt steenhouwer Jeffrey Dibbets. ‘En het is extra leuk dat het voor de Dom is, dat is wel dé toren’, vult Benjaminse aan.

In het voorjaar van 2024 moet de laatste steen geplaatst zijn.

VIJF JAAR LANG EEN SLAG IN DE RONDTE SLOPEN, BOREN, BEITELEN, SCHUREN EN SLIJPEN AAN DE DOMTOREN EN ZIJN ELEMENTEN VEREISEN EEN GOEDE PLANNING EN VEEL GEDULD

Deel deze pagina